Petra Boudewijn over ‘warm bloed’ van de Indo-Europeaan

Jacqueline Bel praat met Petra Boudewijn n.a.v. haar boek Warm bloed, dat een antwoord zoekt op de vraag hoe Indo-Europeanen in de literatuur worden uitgebeeld. Welke rol speelt warm bloed hierin en waar komt die notie vandaan? Zijn er verschillen in representatie tussen auteurs met een Nederlandse achtergrond en die met een Indische familiegeschiedenis?

Warm bloed?

Wie een oosterse voorouder heeft, wordt in de literatuur over voormalig Nederlands-Indië verondersteld warm bloed te hebben. In deze vergelijkende studie van Indische romans en verhalen wordt de representatie van Indo-Europeanen, nazaten uit gemengde relaties tussen oosterlingen en westerlingen, onder de loep genomen. Hoe worden Indo-Europeanen in literatuur uitgebeeld? Welke rol speelt warm bloed hierin en waar komt die notie vandaan? Zijn er verschillen in representatie tussen auteurs met een Nederlandse achtergrond en die met een Indische familiegeschiedenis? In de zoektocht naar antwoorden op deze vragen reist de lezer door de koloniale bellettrie én door de postkoloniale literatuur, waarin voorstellingen van warm bloed een belangrijke rol blijven spelen. Onderweg maakt de lezer kennis met Indo-Europese personages van bekende, minder bekende en inmiddels vergeten schrijvers, onder wie Louis Couperus, P.A. Daum, Melati van Java, Vincent Mahieu, Lin Scholte, Hella S. Haasse en Adriaan van Dis.

Waar, wanneer

Tong-Tong-Theater, 2 juni