• 75 jaar gamelan in Nederland
    Speciaal programma

Gamelan in Nederland nu

In 2018 is het 75 jaar geleden dat Nederlanders voor het eerst Javaanse gamelan gingen spelen. Het Tong Tong Festival heeft een programma samengesteld waarin nationale en internationale gamelan-groepen aantreden. De Sobat vroeg etnomusicoloog Henrice Vonck, associate researcher aan de Universiteit van Amsterdam, naar de status van gamelan anno 2018. Op 24 mei geeft zij ook een lezing in Studio Tong Tong.

Is Nederland door zijn koloniale verleden beter bekend met gamelan-muziek dan andere landen buiten Indonesië/Azië?
Henrice Vonck: “Dat was in het verleden zeker het geval, en we hebben daar een gemeenschap van gamelan-groepen, spelers, componisten aan overgehouden. Kijk maar naar het TTF-programma dit jaar. Toch kun je stellen dat de lange kennistraditie van gamelan in Nederland lijkt te verdampen; gamelan in Nederland is ingehaald door de rest van de wereld.”

Kun je toelichten hoe de gamelan in Nederland is ingehaald?
“In de wereldmuziektrend die in de jaren ’70 begon in California, werden particuliere en institutionele gamelan- groepen opgericht, die nu nog toonaangevend zijn. Een voorbeeld is de Balinese gamelan-groep Sekar Jaya, die zich wijdt aan zowel traditionele als hedendaagse Balinese gamelan en dans.
De grote groei in de jaren erna is voornamelijk te danken aan het feit dat aan veel universiteiten institutionele Javaanse en Balinese gamelan-groepen zijn opgericht, zoals in Japan, Duitsland, Engeland, Australië, Nieuw-Zeeland. Zij gingen vaak jarenlange relaties aan met Javaanse of Balinese artists in residence, zowel musici als dansers. Uit deze intensieve samen- werkingen vloeiden dan ook veel academische studies voort, van bijvoorbeeld Michael Tenzer, Michael Bakan en Lisa Gold over diverse Balinese gamelan- genres. Er stonden ook gamelan-componisten op, zoals Wayne Vitale en EvanZyporin. Dat geldt ook over de Javaanse gamelan, die zich zoals de Balinese vanaf die tijd over de hele wereld verspreidde. Kortom: gamelan is booming!”

Hoe is de gamelan in Nederland op de achtergrond geraakt? Zijn er ook lichtpuntjes?
“Nederland had ook een eigen gamelan- kenniscentrum, verbonden aan de faculteit muziekwetenschap van de Universiteit van Amsterdam. Generaties studenten konden wekelijks de Javaanse gamelan van het Tropenmuseum bespelen, waar vele gamelan-musici zijn gevormd. Wellicht door de wet van de remmende voorsprong is deze gamelan inmiddels verbannen naar het depot, zodat het grote publiek er niet meer vanzelfsprekend kennis mee kan maken. Het is daarom mooi te zien dat zowel de UvA als het Conservatorium van Amsterdam hun studenten nog de mogelijkheid bieden om in eigen huis Javaanse of Balinese gamelan-lessen te volgen.

In Nederland is de gamelan ook nog niet uitgedoofd, zoals het optreden op het Tong Tong Festival van Elsje Plantema en Widosari aantoont, maar heeft wel wat van zijn elan en uitstraling verloren. Het is voornamelijk de oudere generatie die bekend is met de gamelan, vanuit het koloniale verleden. We zoeken de aansluiting met de nieuwe generatie.”

“Je zou kunnen zeggen dat de Javaanse gamelan zich verhoudt tot de Balinese als een strijkorkest tot een rockband…”

Gamelan-serie 2018

Henrice Vonck

Etnomusicologe Henrice Vonck gaat in haar presentatie in op de geschiedenis van de Indonesische muziek, gamelan in het bijzonder, in Nederland. Wie waren de pioniers, wie leidden en leiden de groepen en wat was en is hun invloed op het Nederlandse muziekleven. (24 mei)

Widosari

Gamelan-ensemble Widosari o.l.v. Elsje Plantema viert zijn 25-jarig jubileum met o.a. een muziekstuk voor Javaanse gamelan en koperblazers, een traditie uit de kraton van Yogya, i.s.m. saxofoniste Yukari Uekawa en studenten van het Conservatorium van Amsterdam. Met speciale gasten Joko Susilo (dalang die een wayangvoorstelling geeft) en Peni Candrarini uit Indonesië. (25 mei)

Gong Tirta

Gong Tirta speelt CrossWorX, een progressieve fusion van gamelan, theater en poëzie. CrossWorX reflecteert op de uitdagingen van deze tijd, waarin Oost, West, Zuid en Noord zichzelf opnieuw moeten uitvinden en hun plek in de toekomst gaan bepalen. (26 mei)

Dangiang
Parahiangan

Het in Nederland gevestigde Dangiang Parahiangan zal de tembang Sunda cianjuran brengen. Tembang Sunda Cianjuran is gezongen poëzie van de Soendanezen uit West Java, en kan uitgevoerd worden door zowel vrouwelijke als mannelijke zangers. In de teksten vinden we thema’s als liefde en de schoonheid van de West Javaanse natuur. De typische instrumenten die bij dit genre horen zijn de suling (bamboefluit), de kacapi indung (grote citer), de rebab (tweesnarige viool) en de kacapi rincik (kleine citer).  (27 mei)

Taradhin

Het ensemble Taradhin rond componiste Sinta Wullur combineert Indiase klassieke ragas met minimal music en gamelan-invloeden uit Bali, Java en Sunda. Speciaal voor de Tong Tong Fair wordt het programma aangevuld met de instrumentale uitvoering van Tagore-liederen en een deel van Simeon ten Holt’s Canto Ostinato op harp, piano en bansuri. (28 mei)

Sekaha Gong
Semara Gita

Sekaha Gong Semara Gita is een Balinese gamelangroep bestaande uit in heel Nederland woonachtige Balinesen en hun vrienden. Zij komen regelmatig samen op de Indonesische Ambassade in Den Haag. De groep speelt o.a. de opzwepende optocht-muziek ‘balaganjur’ en ‘kebyar’, wat letterlijk explosie betekent. (29 mei)

Balawan en
Batuan Ethnic Fusion

Uit Indonesië komt worldjazz-gitarist I Wayan Balawan met zijn 8-man-tellende gamelanformatie Batuan Ethnic Fusion, voor een weergaloze blend van double-neck jazz guitar en klassiek-Balinese gamelan. I Wayan Balawan (1973) a.k.a. ‘Magic Fingers’ is een van de beste gitaristen die Indonesië heeft voortgebracht. Hij mengt traditionele Balinese gamelanmuziek met modere jazz. Begeleid door traditionele gamelan-percussie demonstreert de gitarist een grote virtuositeit met zijn doubleneck gitaar. (1,2 en 3 juni)

Van hofcultuur naar volkscultuur

Tijdens het Tong Tong Festival 2018 op de 60e Tong Tong Fair wordt Javaanse en Balinese gamelan gespeeld. Wat is eigenlijk het verschil?
“Je zou kunnen zeggen dat de Javaanse gamelan zich verhoudt tot de Balinese als een strijkorkest tot een rockband… Dit heeft te maken met twee grote verschillen. Ten eerste is er een verschil van stemming. In de Javaanse gamelan zijn alle instrumenten precies op elkaar gestemd, zoals in een westers orkest, waar elk instrument voor het begin van het concert even afstemt op de toonhoogte die wordt aangegeven door de hobo. In een Balinees orkest zijn de instrumenten gestemd in paren, waarbij de ene net iets hoger is gestemd dan de ander. In de resulterende toon hoor je als gevolg hiervan interferentie, een golvend geluid, als het zoemen van een bij. Dit zorgt ervoor dat de klank levendiger klinkt en verder draagt. De instrumenten zijn groter, produceren meer geluid en ten opzichte van de Javaanse gamelan, waarvan men aanneemt dat die het oermodel is van de Balinese gamelan.”

Ten tweede is ook de muziek ingrijpend veranderd. Dit gebeurde tijdens een revolutionaire ommekeer aan het begin van de 20e eeuw in Bali, toen de gamelan veranderde van hofcultuur in volkscultuur en het huidige en populairste gamelan- genre gong kebyar ontstond. Mede onder invloed van de drumbands van de koloniale bezetter – zo heeft men onlangs uitgezocht – gingen de Balinezen over op luide intro’s met veel tromgeroffel. De structuur van de van oorsprong vrij statische hofmuziek werd onder invloed van de nieuwe generatie dorpsmuzikanten omgevormd tot een virtuoos samenspel en ‘rapsodische’ passages met ruimte voor individuele expressie.”

“Zowel westerse als Indonesische componisten hebben zich al bijna twee eeuwen wederzijds laten inspireren.”

Botsende stemmingen

Ik las dat gamelan-instrumenten gestemd zijn in intervallen die niet overeenkomen met die van westerse instrumenten. Omgekeerd geldt dat het vrijwel onmogelijk is voor Javaanse en Balinese musici om buitenlandse invloeden in hun muziek te verwerken door de aparte stemming van hun instrumenten. Toch programmeert het Tong Tong Festival cross-overs van gamelan met westerse muziek. Hoe zit dat?
“Niets is onmogelijk in de kunsten! Zowel westerse als Indonesische componisten hebben zich al bijna twee eeuwen wederzijds laten inspireren. Henk Mak van Dijk heeft hierover mooi geschreven in zijn boek De Oostenwind waait naar het Westen, en we kennen bijna allemaal Debussy, die een aantal van zijn grote werken baseerde op de zogenaamde slendro, hele toonschaal, uit de Javaanse gamelan. Wat samenspelen betreft: het feit dat intervallen niet overeenkomen is hierbij geen probleem. De meeste instrumenten hebben geen vaste intervallen en kunnen hun toonhoogte makkelijk dan wel enigszins aanpassen en kunnen zich dus voegen naar andere stemmingen. Het is de westerse piano de zich niet kan aanpassen!

Bovendien zijn er ook gamelans, zoals Multifoon van Sinta Wullur, die gestemd zijn volgens de westerse toonschaal. Interessant genoeg is een van Java’s meest toonaangevende componisten, Iwan Gunawan, bezig met een onderzoek naar juist het muzikale en artistieke effect van deze botsende stemmingen in zijn composities. En je moet niet vergeten dat er vele manieren zijn waarop muziek kan integreren, dat gaat niet alleen via de stemming, maar ook via compositietechnieken, timbres, structuren, sferen, kortom, mogelijkheden te over voor innovaties.”

Dit interview verscheen in april 2018 in De Sobat, het magazine voor donateurs van Stichting Tong Tong.