Slavernij in de oost

Keti-koti. Dit jaar staat Nederland uitgebreid stil bij het einde van de slavernij, vanwege 160 jaar sinds de wet die slavernij verbood in Suriname en het Caribisch gebied, en 150 jaar sinds de daadwerkelijke invrijheidstelling.

Lange tijd is beperkt onderzoek gedaan naar slavernij in het gebied dat door de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) in Azië werd bezet. De aard van de handel in mensen in dit gebied verschilde van de handel in het Atlantische gebied, omdat de handelscompagnie VOC niet in eerste plaats gericht was op het zelf inkopen, vervoeren en verhandelen van slaafgemaakte mensen. Dergelijke handel werd echter wél op grote schaal uitgevoerd in VOC-gebied, met name door particuliere handelaars. Het afgelopen decennium is er eindelijk substantieel onderzoek gedaan dat cruciale nieuwe inzichten heeft gegeven in de omvang en de aard van het slavernijverleden in Azië in VOC-gebied. Belangrijk werk is verricht door Reggie Baay, die in 2015 met zijn ‘Daar werd wat gruwelijks verricht; Slavernij in Nederlands-Indië’ zijn onderzoek naar het slavernijverleden in de Indonesische archipel met een breder publiek deelde. Sindsdien is er door verschillende historici onderzoek verricht waarbij in toenemende mate de omvang van dit slavernijverleden bekend werd.
In 2021 publiceerde Suze Zijlstra ‘De voormoeders; Een Nederlands-Indische familiegeschiedenis’, over de Aziatische en Europees-Aziatische vrouwen in haar Indische familie. Door terug te gaan naar de tijd van de VOC, laat zij zien hoe het slavernijverleden verbonden is met recentere geschiedenis van Indische migranten — en daarmee met veel bezoekers van de Tong Tong Fair.
Het is echter duidelijk dat deze nieuwe inzichten uit historisch onderzoek nog niet bekend zijn onder een breed publiek. De omvangrijke Indische gemeenschap is opgegroeid met verhalen over ongelijke koloniale verhoudingen, maar deze richtten zich vooral op de recentere geschiedenis. Kennis over het slavernijverleden is nog niet wijdverspreid. Inzichten uit recent historisch onderzoek hebben nog maar een klein deel van de Indische gemeenschap bereikt, maar leiden al wel tot vragen. Samen met Suze Zijlstra stelt Stichting Tong Tong een programma samen om op de 63e Tong Tong Fair deze kennis te delen. Met het CBG Centrum voor familiegeschiedenis en de Indische Genealogische Vereniging bieden we op de TTF ook de gelegenheid om met eigen onderzoek verder terug te gaan in de eigen familiegeschiedenis.

Jan Brandes, Rijksmuseum
Bij de illustratie: Theevisite in een Europees huis in Batavia, Jan Brandes, 1779 – 1785, Collectie Rijksmuseum. Op de stoel links zit een Europees-Aziatische vrouw. Het is niet bekend wie ze is. De afbeelding toont hoe het leven kon zijn van een dochter van een Aziatische moeder en een Europese vader. Ze leefde in materiële welvaart. Ze hield zelf mensen in slavernij. Hier heeft ze een Europese vrouw op bezoek. De vrouwen met de geblokte sarongs die bedienen, waren slaafgemaakte vrouwen. Afbeeldingen van slavernij in huiselijke kring zien er vaak vredig uit. Je ziet niet duidelijk de gevangenschap. Ook zie je niet het geweld dat altijd dreigde, en regelmatig werd ingezet.

63e Tong Tong Fair
31 aug t/m 10 sep 2023
Malieveld, Den Haag
www.tongtongfair.nl

Over een week gaat de voorverkoop van toegangskaarten van start. Dan publiceren we ook de eerste namen uit het programma.